**Mijn Dagboek – Een Onverwachte Dag Vol Emoties**
Vandaag kwam ik eerder thuis dan gepland, en wat ik zag, deed me bijna omvallen van verbazing. Siemen de Vries, de succesvolle ondernemer die één van de grootste bouwbedrijven in Amsterdam leidt, voelde zich de afgelopen maanden zo verloren als nooit tevoren. Al zijn geld bleek machteloos tegen het gebroken hart van zijn driejarige dochtertje.
Iets in mij duwde me vandaag naar huis, een onverklaarbaar gevoel dat ik niet kon negeren. Toen ik de keukendeur van ons herenhuis in het chique Oud-Zuid opende, moest ik me vasthouden aan de deurpost om niet te vallen. Mijn dochtertje Lieke zat op de schouders van onze huishoudster, terwijl ze samen afwasten en een kinderliedje zongen. Haar lach klonk zoals ik die maanden niet meer had gehoord. *”Nu goed schrobben hieronder, schatje,”* zei Marjan, terwijl ze Liekes kleine handjes begeleidde. *”Goed zo, wat ben jij een slim meisje!”* *”Tante Marijke, mag ik bellen blazen met het sop?”* vroeg Lieke met een helder stemmetje dat ik dacht nooit meer te horen.
Mijn benen begonnen te trillen. Sinds mijn vrouw Saskia omkwam bij een auto-ongeluk, had Lieke geen woord meer gesproken. De beste kinderpsychologen van het land zeiden dat het normaal was, dat ze tijd nodig had. Maar hier, in die keuken, praatte ze alsof er niets was gebeurd.
Marjan merkte me op en schrok zo dat Lieke bijna van haar schouders gleed. *”Meneer Siemen, ik had u niet verwacht…”* Ze aarzelde, duidelijk nerveus. *”Papa!”* riep Lieke, maar trok zich meteen terug alsof ze iets verkeerds had gedaan. Ik rende naar mijn werkkamer, de deur achter me dichtslaand. Mijn handen trilden toen ik een glas whisky inschonk.
De scène verstoorde me diep. Hoe had deze jonge vrouw in maanden bereikt wat ik niet kon? Hoe kon mijn eigen dochter zo natuurlijk met haar praten en niet met mij?
De volgende dag deed ik alsof ik naar mijn werk ging, maar parkeerde een paar straten verder en sloop terug het huis in. Ik moest begrijpen wat er gebeurde. Via de achterdeur kwam ik binnen en installeerde snel camera’s in mijn werkkamer.
Wat ik de rest van de week zag, raakte me nog meer. Marjan Janssen, pas 24, veranderde elke huishoudelijke taak in een spel. Ze sprak met Lieke over alles – van de kleuren van de was tot de ingrediënten van het eten. *”Kijk, Lieke, hoeveel wortels hebben we hier?”* vroeg Marjan. *”Eén, twee, drie, vijf!”* antwoordde Lieke, klappend in haar handjes. *”Zo is het! Weet je waarom wortels oranje zijn? Van een speciale vitamine die onze ogen sterk maakt.”*
Ik keek met een mix van dankbaarheid en jaloezie. Dankbaar, omdat Lieke bloeide. Jaloers, omdat ik die verbinding niet kon maken. Maar er was iets anders: onze oudere huishoudster, mevrouw Van Dijk (62), observeerde Marjan met wantrouwen. *”Marjan, je gaat te ver,”* hoorde ik haar zeggen op een opname. *”Je bent hier om te schoonmaken, niet om het kind op te voeden.”*
De spanning was voelbaar. Twee werelden botsten in mijn huis, en ik zat middenin een stille strijd die ik niet kende.
Toen kreeg ik een telefoontje van de crèche. *”Meneer De Vries, Lieke heeft vandaag met andere kinderen gespeeld! Ze vertelde over ‘tante Marijke’ en hoe ze thuis helpt.”*
Ik haastte me naar huis, net op tijd om mevrouw Van Dijk tegen Marjan te horen schreeuwen. *”Je hebt geen recht om dit kind mee naar buiten te nemen!”* Lieke hield zich vast aan Marjans benen, huilend. Voor het eerst in maanden uitte ze zoveel emotie. *”Ik wil niet dat tante Marijke weggaat!”*
Ik nam een besluit. *”Mevrouw Van Dijk, laat ons even alleen.”* Toen ik naast Lieke hurkte, zei ze: *”Tante Marijke leerde me dat rode rozen liefde betekenen. Zoals mama’s liefde voor ons.”*
Mijn hart stopte bijna. Dit was de eerste keer dat ze haar moeder noemde.
Later, in mijn werkkamer, vertelde Marjan me haar verhaal. *”Ik verloor ook mijn moeder jong. Mijn oma zei: liefde verdwijnt niet, het verandert alleen van plek.”*
Uiteindelijk ontsloeg ik mevrouw Van Dijk niet, maar na haar pensioen veranderde alles. Marjan werd meer dan een huishoudster. Ze werd familie.
Jaren later, onder de rozen die we samen plantten, vertelde ik haar mijn gevoelens. *”Ik hou van je, Marjan. Van de vrouw die jij bent.”*
Ze glimlachte. *”Ik ook van jou.”*
Lieke, nu ouder, vroeg later: *”Word je verliefd op tante Marijke?”*
*”Waarom denk je dat?”*
*”Omdat jullie naar elkaar kijken zoals in sprookjes.”*
En zo werd onze ongebruikelijke familie compleet. Want familie is niet alleen bloed – het is wie zorgt, wie liefheeft, wie blijft.
**Einde.**



